ekte
eck’te
bijvoeglijk naamwoord
echte, ontstaan door gebrekkig Nederlands sprekende mensen, bijv. Ben alleen met die ekte ekte mannen. / Die prada’s van hem zijn nep! Mijne zijn ekte. / Winne en feis zijn die ekte ekte. Rip Feis!
eck’te
bijvoeglijk naamwoord
echte, ontstaan door gebrekkig Nederlands sprekende mensen, bijv. Ben alleen met die ekte ekte mannen. / Die prada’s van hem zijn nep! Mijne zijn ekte. / Winne en feis zijn die ekte ekte. Rip Feis!