Woordenboek

annoe

"zelfstandig naamwoord hand, oorspronkelijk uit het Surinaams, bijv. Mijn annoe is gebroken. / Hij sloeg haar met zijn annoe. / Ik was horse dus me annoe ging al…"

annoe

’annoeh

zelfstandig naamwoord

hand, oorspronkelijk uit het Surinaams, bijv. Mijn annoe is gebroken. / Hij sloeg haar met zijn annoe. / Ik was horse dus me annoe ging al snel richting die noepie. / Als ik me key niet binnen een minuut in me annoe heb ga ik beginnen te spazzen op jullie.

Wat zeg je me?